We staan aan de vooravond van het debat over ‘Science in Transition’ dat op 21 januari 2014 in Maastricht wordt gehouden. Wetenschappers, bestuurders en publiek gaan met elkaar in discussie over de wens en noodzaak voor verandering van het bedrijf dat wetenschap heet. Feit is dat dit bedrijf al lang niet meer lokaal of nationaal werkzaam is, maar een multinational is.

Het rapport ‘International Comparative Performance of the UK  Research Database 2013’ opgemaakt door Elsevier voor het UK Department of Business, Innovation and Skills (BIS) geeft inzicht in het aantal publicaties dat in 2012 wereldwijd in wetenschappelijke tijdschriften is verschenen. Al jaren op rij groeit het aantal publicaties met enkele procenten per jaar gestaag naar bijna 2,2 miljoen in 2012. De grootste ‘producenten’ in Europa zijn Engeland (bijna 6,5%) met als goede tweede Frankrijk die iets minder dan Duitsland produceert. De grootste ‘producenten’ zitten buiten Europa. Bijna de helft van de publicaties wordt geproduceerd in de Verenigde Staten en China. Dit laatste land is samen met India de sterkste stijger in de productie van wetenschappelijke artikelen in wetenschappelijke tijdschriften.

Cijfers over de Nederlandse bijdragen stammen uit 2011 (Branchejaarverslag VSNU 2012). In totaal zijn er bijna 83.000 publicaties in 2011 gemaakt, waaronder wetenschappelijke artikelen, boekbijdragen, vakpublicaties, conference proceedings etc. Het aantal wetenschappelijke artikelen in refereed tijdschriften bedroeg 46.593. Ook al zou de productie in Nederland zijn gestegen in 2012 als wereldwijd, dan nog is de Nederlandse bijdrage bescheiden, namelijk iets meer dan 2%. Uit hetzelfde UK rapport is te lezen dat 47,6% van de publicaties die in het Verenigd Koninkrijk zijn gemaakt, is geschreven met onderzoekers buiten het Verenigd Koninkrijk. Dit aantal multinationale publicaties neemt nog steeds toe. Voor Nederland geldt dezelfde situatie: in de periode 2007 – 2010 werd door alle Nederlandse universiteiten met buitenlandse wetenschappers samen wetenschappelijke publicaties geschreven. De cijfers variëren tussen de 41% (Universiteit Tilburg) en 54% (Universiteit Wageningen) (Bron: WTI).

Het eerste wetenschappelijke tijdschrift zag in 1665 het daglicht: ‘ Philosophical Transactions of the Royal Society’ (Phil. Trans.) uitgegeven bij de Royal Society of London door de wetenschapper Henry Oldenburg. Het stemt optimistisch dat ook in de actuele discussie over het wetenschapsbedrijf de wetenschappers zelf het voortouw nemen. En ook dat dit eerst in eigen huis – de Nederlandse universiteiten – gebeurt. De cijfers laten tegelijkertijd zien dat wil de science ‘in transition’ komen, landsgrenzen gepasseerd moeten worden. Onderzoekers zullen zich wereldwijd moeten vinden op nieuwe gezamenlijke uitgangspunten, daarbij in het oog houdend dat er verschillen tussen disciplines zijn. Gelet op dat er al zoveel internationale samenwerking is, kan dit de initiatiefnemers van Science in Transition helpen. Een mooi congresthema, wellicht ook voor de internationale netwerken van universiteitsbestuurders en –bibliotheken?

Ingrid Wijk
Directeur Universiteitsbibliotheek en Talencentrum

 

Aanvullende informatie

Op 21 januari vond het debat plaats over ‘Science in Transition’ bij de Universiteit Maastricht.
Op 22 januari publiceerde Science Guide een Engelstalig nieuwsbericht over hetzelfde onderwerp: 

Transition or hell?

The ‘Science in Transition-debate’ continues. At Maastricht University and elsewhere in academia. Are solutions dawning? “They say, ‘I’m not going to stay in academia, because it’s hell’ and set up their own start-up.” Who will take the first step in measuring ‘real impact’?

Lees hier de volledige tekst in de Science Guide newsletter

 

Pin It on Pinterest

Shares

Spelling error report

The following text will be sent to our editors: